Home Groene stroom Ik wil elektriciteit produceren met zonnepanelen

Ik wil elektriciteit produceren met zonnepanelen

Informeer je goed voor  je zonnepanelen laat plaatsen.

Wat gebeurt er met de stroom die je produceert?

Als je installatie niet groter is dan 10 kVA mag je de geproduceerde elektriciteit in mindering brengen van de afname. In praktijk gebeurt dit door de plaatsing van een meter met een terugdraaiend telwerk.

Alles over een meter met een terugdraaiend telwerk

De installatie- jouw keuze: kleiner of groter dan 10kVa?

Installatie tot 10 kVA

Een grotere installatie produceert meer elektriciteit. Voor een gemiddeld gezin heeft het geen zin om een overschot aan elektriciteit te produceren. Als het maximaal AC-vermogen van de omvormer(s) kleiner is dan 10 kVA heb je recht op een terugdraaiende teller. Je ontvangt in dit geval geen vergoeding voor een eventueel overschot aan geproduceerde elektriciteit. Stem de grootte van je installatie (het vermogen) dus steeds af op je jaarverbruik.

Installatie groter dan 10 kVA

Kies je voor een installatie met een vermogen van meer dan 10 kVa? Hou er dan rekening mee dat dergelijke installaties niet zomaar op het elektriciteitsnet mogen aangesloten worden. Dit moet je op voorhand bij Infrax aanvragen. De precieze aansluitingsvoorwaarden kunnen bovendien verschillen van netbeheerder tot netbeheerder. Onderstaande stappen zijn alleszins noodzakelijk:
  • Bezorg het AREI-keuringsverslag aan Infrax
  • Infrax plaatst vervolgens de productiemeter (groenestroommeter)
  • Infrax bezorgt je de EAN-codes van de productiemeter. Deze codes heb je nodig om de installatie verder aan te melden.
Meer informatie over het koppelen van de installatie op het elektriciteitsnet

Bespaar vooraleer je investeert!

Wees consequent in je beslissing. De groenste én de goedkoopste stroom is nog steeds de stroom die je niet verbruikt. Vermijd daarom in de eerste plaats overbodig elektriciteitsverbruik.

Ga na of het mogelijk is om thuis minder energie te verbruiken zonder comfortverlies. Vaak betekent een kleinere investering - zoals bijvoorbeeld isoleren - meer winst voor het milieu én voor je portefeuille. Driekwart van je energieverbruik gaat immers naar verwarming. Goed geïsoleerde daken, muren en ramen kunnen veel nutteloos energieverlies voorkomen.

Hou er rekening mee dat eigenaars van nieuwe zonnepanelen enkel recht hebben op de gegarandeerde minimumprijs als het dak of de zoldervloer van hun woning voldoende geïsoleerd is.

Kostprijs en terugverdientijd?

Voor een maximaal rendement hou je best rekening met:
  • de oriëntatie en de hellingsgraad van de zonnepanelen
  • mogelijk invallende schaduw
  • potentiële schaduw van (toekomstige) gebouwen, (groeiende) bomen en schoorstenen
  • een oriëntering tussen het zuidoosten en het zuidwesten
  • een hoek van 15° tot 50°

Meer informatie over de kostprijs van zonnepanelen kan je vinden bij het Vlaams Energieagentschap (VEA). Op hun website kan je ook je persoonlijke terugverdientijd berekenen: www.energiesparen.be.

Heb je een (bouw)vergunning nodig?

Je hebt geen stedenbouwkundige vergunning nodig om zonnepanelen te plaatsen. Tenzij het uitdrukkelijk verboden is, bijvoorbeeld omdat je woning tot beschermd erfgoed behoort. Informeer vooraf altijd eerst even bij de gemeente waar je de PV-installatie wil plaatsen.

Meer informatie: www.ruimtelijkeordening.be

Subsidies

Ga op voorhand na of je beroep kan doen op steunmaatregelen voor de installatie van zonnepanelen. Zo geven sommige steden en gemeenten een premie voor de plaatsing. Een overzicht van alle mogelijke voordelen en de specifieke vereisten vindt je op http://www.energiesparen.be onder ‘Zoek uw subsidie’.

Zonnepanelen en Energieprestatie en Binnenklimaat (EPB)

Voor stedenbouwkundige vergunningsaanvragen of meldingen vanaf januari 2013 moet elke nieuwbouw (of ermee gelijkgesteld) woning, kantoor en school in Vlaanderen een minimum hoeveelheid energie halen uit hernieuwbare bronnen. Meer informatie over de maatregel hernieuwbare energie vind je op de website van het Vlaams Energie Agentschap.

Je hebt geen recht op groenestroomcertificaten als:
  • je zonnepanelen plaatst om te voldoen aan de EPB-eisen op een nieuw gebouw van een publieke organisatie (*) of op een gebouw van een publieke organisatie dat ingrijpend verbouwd wordt en waarvan de aanvraag of melding voor een stedenbouwkundige vergunning ingediend is in 2013 of later.
  • je zonnepanelen plaatst om te voldoen aan de EPB-eisen op een nieuw gebouw of op een gebouw dat ingrijpend verbouwd wordt en waarvan de aanvraag of melding voor een stedenbouwkundige vergunning ingediend in 2014 of later.
Dergelijke installaties moeten wel nog AREI-gekeurd en aangemeld worden bij Infrax.
Als je toch aanspraak wenst te maken op de certificaten, dan mag je de zonnepanelen niet opnemen in de EPB-aangifte. De woning of het gebouw moet dan uiteraard zonder de zonnepanelen ook voldoen aan de opgelegde EPB-eisen.

Isolatievoorwaarde

Wie zonnepanelen plaatste op zijn woning en liet keuren vóór 14 juni 2015 moet voldoen aan de isolatievoorwaarde.
Deze voorwaarde is niet van toepassing als je een installatie plaatst op (bijvoorbeeld) een stal, een bedrijfsgebouw, een alleenstaande garage of een tuinhuis.

Wat houdt de isolatievoorwaarde precies in?
  • de warmteweerstand (Rd) van je volledige dak en/of zoldervloer moet ten minste 3 m² K/W bedragen.
  • als het dak en de zoldervloer allebei werden geïsoleerd en boven elkaar liggen in eenzelfde ruimte die niet verwarmd wordt (u gebruikt de zolder enkel als opslagruimte), dan mogen de Rd-waarden opgeteld worden.

Je mag ook de rechtopstaande muren van kamers die onder het dak liggen isoleren. Het is echter zinloos om het dak slechts gedeeltelijk te isoleren. Zorg er dus voor dat de volledige breedte van het dak - van muur tot muur - voldoende wordt geïsoleerd. Het heeft geen zin enkel afgewerkte kamers te isoleren als alle warmte daarnaast kan ontsnappen. Isoleer daarom ook de zoldervloer of het schuine dak naast de afgewerkte kamers.

Als er onvoldoende isolatie aanwezig is, heb je geen recht op de gegarandeerde minimumsteun van Infrax. In het aanvraagformulier verklaar je op eer dat het dak en/of zoldervloer voldoende geïsoleerd zijn. Infrax kan altijd een controle ter plaatse uitvoeren om deze verklaring te verifiëren. Een bewijs van de isolatiewaarde kan je leveren via:
  • een EPB-attest.
  • een bewijs van ontvangst van een isolatiepremie.
  • een aankoopfactuur van isolatie.
Beschik je niet over bovenstaande documenten?

Dan moet je zelf nagaan of het dak en de zoldervloer voldoende geïsoleerd zijn. Er bestaan geen toestellen die dit kunnen meten. Mogelijk moet je een stukje dak- of zolderbekleding verwijderen. Een overzicht van de verschillende isolatiematerialen en de minimaal vereiste dikte vind je op de website www.energiesparen.be.

Als je geen enkel bewijs kan voorleggen gaat de controleur ervan uit dat er geen isolatie werd geplaatst. Infrax schorst de uitbetaling van de groenestroomcertificaten als - na controle – blijkt dat er geen of onvoldoende isolatie aanwezig is. Bovendien kan de VREG de politie of het parket inlichten over valsheid in geschrifte bij uw aanmelding.

Meer weten over de warmteweerstand van verschillende isolatiematerialen.


(*) Een verklaring van het begrip ““publieke organisaties” vind je terug in het Energiebesluit van 19 november 2010.


energiescans